Algemene achtergronden
Ga naar de inhoud
Landeninformatie Albanië
Op deze pagina vind je uitgebreide informatie over Albanië. Geheimzinnig, mysterieus, vol culturele schatten en gezegend met een prachtige, ongerepte natuur. In de hoofdstad Tirana worden ezelwagens en oude busjes continu ingehaald door de nieuwste Mercedessen en BMW ’s. Pompeuze monumenten uit de communistische tijd en sierlijke Ottomaanse huizen wisselen elkaar af en ondergronds kun je het bunkerstelsel van Enver Hoxha verkennen. In de dorpen in het binnenland lijkt al eeuwenlang de tijd stil te staan. De wisselende kwaliteit van de wegen lijkt ertoe bij te dragen dat dit ook nog wel een tijd zo zal blijven. De verdedigingstorens van Theth, in het noorden van het land, zouden nog steeds een veilig onderkomen bieden voor hen die op de vlucht zijn voor bloedwraak. De Oude Grieken en Romeinen hebben duidelijk hun sporen achtergelaten in Durrës, Apollonia en Butrint, net zoals de Ottomanen dat hebben gedaan in het pittoreske Berat en Gjirokastër. In Saranda geniet je van een van de mooiste stukjes Adriatische Zee terwijl de oudere inwoners samen en masse op pantoffels over de boulevard schuifelen. Ben je al nieuwsgierig naar mee?



  • Achtergrond informatie
Al deze informatie over Albanië is niet door mijzelf samengesteld maar is door heel veel kennis en ervaring opgesteld door de reisorganisatie Koning Aap.

  • Feestdagen Albanië
    Albanië kent de volgende nationale feestdagen: Nieuwjaar (1 januari), Zomerdag (14 maart), Nevruz/ Lentefeest (22 maart), Dag van de Arbeid (1 mei), Dag van Moeder Teresa (19 oktober), Onafhankelijkheidsdag (28 november), Bevrijdingsdag ...

  • Cultuur Albanië
    Een belangrijke eigenschap die je in Albanië moet hebben is geduld. Het Albanese woord is durim. De tijd tikt in Albanië anders. Een afspraak op een vaste tijd kent men niet. Als je het toch ...

  • Eten en drinken Albanië
    Albanezen zelf nemen geen uitgebreid ontbijt. Vaak beperken ze zich tot een kop sterke koffie. Voor hun gasten maken ze doorgaans een uitgebreid ontbijt met eieren, brood, fruit, vleeswaren, kos (een soort yoghurt), feta kaas ...

  • Landschap Albanië
    Albanië is een van de hoogst gelegen landen van Europa met een gemiddelde hoogte van 700 meter. Er zijn drie berggebieden. De Albanese Alpen ten noorden van de rivier de Drin, het Centrale bergland gelegen ...

  • Taal Albanië
    Het Albanees is de officiële taal.  Volgens de meeste wetenschappers stamt het Albanees uit het Illyrisch. Daarmee is het de oudste Indo-Germaanse taal. Hoewel de taal in de loop der eeuwen door diverse bezetters onderdrukt ...

  • Bevolking Albanië
    Albanië is bijna zo groot als België en telt ongeveer 2,8 miljoen inwoners van wie naar schatting 95 procent etnisch Albanees. De grootste minderheid vormen de Grieken die vooral in het zuidwesten wonen. Andere minderheidsgroepen ...

  • Religie Albanië
    Van oudsher kent het land drie religies: het Grieks-orthodox geloof, het rooms-katholicisme (dat vooral in het noorden aanhang heeft en in Moeder Teresa een eigen Albanees icoon kent) en de islam. Een kleine maar opvallende tak ...

  • Weer en klimaat Albanië
    Albanië kent een Middellands zeeklimaat. De zomers zijn heet en droog, winters mild en nat. Hoe hoger je komt hoe meer variatie er is. Van mei tot oktober kun je in de zee zwemmen met ...

  • Fooien Albanië
    In restaurants is 10 procent fooi gebruikelijk. Ook gidsen en reisleiders verwachten een fooi.  ...

Albanië kent een aantal feestdagen en festivals. Op deze dagen kunnen winkels en kantoren gesloten zijn wat het reizen kan bemoeilijken. Bekijk hieronder het overzicht van de belangrijkste feestdagen.

Nieuwjaar – 1 januari
Orthodox kerstmis – 7-8 januari
Dag van de Arbeid – 1 mei
St. Cyrillus en Methodius – 24 mei
Dag van de republiek – 2 augustus
Onafhankelijkheidsdag – 8 september
Dag van de opstand – 11 oktober
Dag van de revolutie – 23 oktober
St. Clemens van Ohrid – 8 december

Ook Pasen, Goede Vrijdag, Pinksteren, Ramadan en het suikerfeest worden gevierd in Noord-Macedonië. De data verschillen elk jaar en lopen gelijk met de vieringen in Nederland.


Feestdagen
Een belangrijke eigenschap die je in Albanië moet hebben is geduld. Het Albanese woord is durim. De tijd tikt in Albanië anders. Een afspraak op een vaste tijd kent men niet. Als je het toch doet, moet je er niet van staan te kijken dat de ander veel later komt. Maak je dan vooral niet druk, want zo gaat het leven hier.
Als buitenlandse bezoeker is het soms lastig te beoordelen of een Albanees nu ja of nee bedoelt. Dat komt omdat ze bepaalde bewegingen met het hoofd maken, wenkbrauwen optrekken en ook nog eens zachtjes klikken met de tong.      

Albanezen schudden elkaar veelvuldig de hand en doen dat ook graag met buitenlanders. Bovendien vragen ze je het hemd van het lijf, ook naar onderwerpen die wij liever voor onszelf houden zoals het inkomen dat je verdient.

Gewoonterecht en bloedwraak
In het noorden van Albanië geldt nog het gewoonterecht, de Kanun. Een gegeven woord, besa, kun je niet meer terugnemen. Daarnaast hecht men bijzonder aan de persoonlijke eer. Albanezen zijn zeer gevoelig voor bepaalde woorden die beledigend bedoeld kunnen zijn. Alleen wraak of zelfs bloedwraak kan de persoonlijke eer herstellen. In het bergland van Puke zijn er families die bloedwraak op elkaar gezworen hebben.  Buitenlanders zijn overigens uitgesloten van bloedwraak.

Volgens de Kanun zijn alle mensen gelijk  en moet iedereen gerespecteerd worden. Wel hebben vrouwen minder rechten dan mannen. Zo hebben sommige mannen in bepaalde regio’s er moeite mee dat vrouwen zich zelfstandig gedragen door bijvoorbeeld auto te rijden. Ze laten hun afkeuring blijken door te gaan  inhalen of toeteren.

Het familieverband is heilig. Oude mensen worden gerespecteerd en blijven vaak tot hun dood bij de kinderen. Zonen en dochters blijven bij hun familie wonen tot ze trouwen. Meisjes trouwen liefst zeer vroeg, vanaf hun vijftiende. Samenleven zonder getrouwd te zijn kan niet. In landelijke gebieden zijn sommige huwelijken clan-gestuurd. Bruiloften zijn vaak grote partijen waarvoor vaak een paar honderd mensen worden uitgenodigd. Een vrouw stijgt in de achting als ze zonen heeft gebaard.  Scheidingen komen weinig voor.

Ook van een begrafenis wordt veel werk gemaakt. Er wordt hoorbaar getreurd. Veertig dagen na de dood van de overledene komen familieleden en vrienden opnieuw bijeen om herinneringen te delen aan de gestorvene. Er is een overvloedige maaltijd.

Als Albanezen gestorven zijn bij een auto-ongeluk, worden er vaak monumentjes in de berm van de weg gemaakt met een foto van de verongelukte. Er worden bloemen en plantjes neergezet.

In Tirana zie je de ontwikkeling naar een moderne maatschappij. Weinig of geen hoofddoekjes en de meisjes (en jongens) zijn modern gekleed.
Er is grote solidariteit met de Albanezen buiten het land. Tijdens de Kosovo-crisis werden meer dan 700.000 vluchtelingen opgenomen. In de Tweede Wereldoorlog is geen enkele Jood aan de Duitsers uitgeleverd. De Albanezen staan als volk bekend om hun moed, daadkracht en bereidheid risico’s te nemen.


Albanezen zelf nemen geen uitgebreid ontbijt. Vaak beperken ze zich tot een kop sterke koffie. Voor hun gasten maken ze doorgaans een uitgebreid ontbijt met eieren, brood, fruit, vleeswaren, kos (een soort yoghurt), feta kaas en koffie. ’s Middags wordt uitgebreid geluncht, meestal een warme maaltijd met vlees of vis. En  ’s avonds laat, om een uur of negen/tien, wederom een warme maaltijd.  
Daarnaast zijn er bij eetstalletjes tussendoortjes verkrijgbaar zoals byrek, bladerdeeg met daarin feta kaas, ui, vlees en spinazie. Je hebt ronde byrek en driehoekige byrek. En er is qoftë (een soort frikadel) en pita (een bladerdeeg pasteitje).
In de grotere plaatsen heb je naast Albanese ook Griekse en Italiaanse (pizza)restaurants. Op het platteland moet je niet verbaasd zijn als men je vraagt of je honger hebt. De tafel is er altijd rijkelijk gedekt met vers vlees of vis, aardappelen of rijst, salade, kaas, eieren, groente en brood. Na de maaltijd is er – voor de goede spijsvertering – een glaasje raki, ook bij de moslims. Die raki wordt zelfs ’s ochtends vroeg gedronken.

Ingrediënten van de Albanese keuken
De Albanese keuken maakt gebruik van diverse groenten zoals paprika, tomaten, uien, augurken, aubergines, courgettes en olijven. In de wintermaanden is er kool en wortelen. Wat het vlees betreft: er is schapen- en geitenvlees. Dat wordt geroosterd of gegrild. Ook de ingewanden (hart, lever, nieren, hersens) zijn geliefd. Als je met een busje onderweg bent, kun je bij eethuisjes langs de weg pilaf (rijst met vleessaus) of geroosterde kebab krijgen. De kebab kan van lams-, varkens- of rundvlees zijn.  

Vis is er overal en wordt vers geserveerd. In riviertjes heb je forellen. De specialiteit van Shkodër is karper. Langs de kust heb je allerlei soorten vis zoals baars, brasem en heek.

Een paar typisch Albanese gerechten
Albanees lam wordt bereid met boter, eieren, yoghurt, meel, peterselie en dille. Përshesh was oorspronkelijk een armeluis gerecht, maar tegenwoordig een van de topgerechten van bijvoorbeeld het King’s Park Hotel. Oud brood wordt gemengd met ei, zout en olie. Dan gaat de vleesbouillon erin. Die trekt helemaal in het brood. Wordt geserveerd met witte wijn. Een bijzonder toetje is salskosi, gemaakt van huisgemaakte yoghurt die wordt ingedikt. Andere toetjes zijn halva (een zoet gebakje), xupa (notenpudding) of sheqerpare (in brood gebakken deegballetjes).

Drinken in Albanië
Albanezen houden van koffie zoals de Engelsen van thee houden. Ze houden er een hele ceremonie omheen, het is het moment om de dag door te nemen. Van de Turken hebben de Albanezen de Turkse manier van koffie maken overgenomen. De fijn gemalen koffie wordt, samen met suiker en water, enige malen gekookt tot het schuimt. Daarnaast is er overal espresso. Behalve koffie wordt er veel thee gedronken, met name de Albanese bergthee. De originele Albanese bergthee groeit inderdaad in de bergen en wordt met de hand geplukt. De thee heeft een frisse smaak en is erg gezond. Het is biologisch, rustgevend en cafeïnevrij.

De Albanese wijnen komen vooral uit de omgeving van Korçë, Berat, Permet en Shkodër. Deze wijn is ook te koop in supermarkten. De traditionele alcoholische drank van Albanië is raki. Veel Albanezen maken deze zelf van druiven of pruimen. Albanezen drinken behalve raki en wijn ook bier.


Cultuur
Eten en drinken
Geografisch
Albanië is een van de hoogst gelegen landen van Europa met een gemiddelde hoogte van 700 meter. Er zijn drie berggebieden. De Albanese Alpen ten noorden van de rivier de Drin, het Centrale bergland gelegen tussen de valleien van de Drin en van de Devoll en Osum, en het Zuidelijke bergland ten zuiden van de Devoll. De hoogste bergentoppen reiken hier bijna tot 2500 meter. De Albanezen noemen ze liefdevol Baba Tomorr, papa Tomorr oftewel ‘de leeuwen die de deur van Albanië bewaken’. Onder Albanië bevindt zich de grens tussen de Euraziatische en de Afrikaanse tektonische plaat, waardoor er aardbevingen kunnen voorkomen. De laatste was in 1979.
Aan de Adriatische kust ligt de Westelijke laagvlakte met een kustlijn van 300 km, waaronder de Albanese Riviera  aan de Ionische Zee. Langs de Adriatische kust zijn er lange zandstranden. Talrijke rivieren komen in de zee uit.  Het land beschikt over een overvloed van waterkracht. Er zijn 11 belangrijke rivieren met 152 zijtakken. In het oosten, aan de grens met Macedonië, zijn een paar grote meren zoals als het Meer van Ohrid en het Prespameer die beide zeer diep en visrijk zijn. De rivieren en meren worden gebruikt voor bevloeiing, voor opwekking van elektriciteit, voor de visvangst en voor toerisme.  

Het landschap is nog redelijk ongerept, ideaal voor planten en dieren. In het waddengebied aan de Adriatische kust zijn er veel broedplaatsen van water- en moerasvogels. Er wordt veel overwinterd. In het Meer van Shkodër en de Buna die er in uitkomt zijn grote vogelpopulaties. Er zijn 270 soorten geteld, waaronder pelikanen, aalscholvers, lepelreigers, grauwe reigers en talloze soorten eenden. Moerasplanten zorgen voor een groen tapijt. Het meer zit vol vis, onder andere karpers en forellen. En ook paling, moeralen en zeepaling. Met een beetje geluk zie je ook zeehonden, robben en dolfijnen.

In de wouden zitten nog wilde dieren als wolven, beren, wilde zwijnen, gemzen, lynxen en andere wilde katsoorten. In het hooggebergte zijn arenden. In vochtige gebieden slangen en adders.

De vegetatie is divers. Er zijn 3000 verschillende plantensoorten. Veel planten komen alleen in Albanië of omgeving voor, waaronder heilzame kruiden die voor medicinale doeleinden gebruikt worden. Enige wouden zijn vanwege de vele soorten tot Nationaal Park zijn uitgeroepen. Er zijn hier nog maar weinig voorzieningen.


Taal
Het Albanees is de officiële taal.  Volgens de meeste wetenschappers stamt het Albanees uit het Illyrisch. Daarmee is het de oudste Indo-Germaanse taal. Hoewel de taal in de loop der eeuwen door diverse bezetters onderdrukt werd, wordt het nog steeds gesproken. De geschreven taal heeft zich langzaam ontwikkeld. In 1908 werd definitief gekozen voor het Latijnse alfabet. Het Albanees wordt behalve in Albanië en Kosovo gesproken in Zuid-Italië, en ook in delen van Macedonië, Montenegro en Noord-Griekenland (Epirus). Ook Albanezen in de diaspora (Canada, Amerika, Europa, Turkije en Egypte) spreken Albanees.   
In het noorden en in Tirana spreken veel Albanezen ook Italiaans. In Tirana spreken steeds meer jongeren Engels, en in mindere mate Duits of Frans. In banken en (grotere) restaurants kun je met Engels goed terecht.


Bevolking
Albanië is bijna zo groot als België en telt ongeveer 2,8 miljoen inwoners van wie naar schatting 95 procent etnisch Albanees. De grootste minderheid vormen de Grieken die vooral in het zuidwesten wonen. Andere minderheidsgroepen zijn de Vlachen, Egyptenaren en Slaven. Daarnaast is er een groep Roma die nauwelijks getolereerd wordt en een marginaal bestaan leidt.
In Albanië onderscheidt men de mensen van het noorden en die van het zuiden. De grens tussen de twee landsdelen wordt gevormd door de Shkumbin rivier. In het dal van de Shkumbin bouwden de Romeinen hun doorgangsweg: de Via Egnatia.

De mensen uit het zuiden, de Tosken, gelden als kosmopolitisch, die uit het noorden, de Ghegen, als traditioneel. De Tosken hebben het materieel wat beter dan de noorderlingen en maken graag grappen over de domme Ghegen.  

Noord-Macedonië is een multicultureel land met verschillende etniciteiten. Het grootste deel van de bevolking bestaat uit Macedoniërs, maar daarnaast vindt u in het land ook veel Albanezen, Bosniërs, Roma, Serviërs en Turken. Het is goed om u bewust te zijn van deze verschillen.

In Noord-Macedonië is het normaal elkaar de handen te schudden bij een eerste ontmoeting. Begroet hierbij de vrouwen eerst en vervolgens de belangrijkste personen uit het gezelschap. Dit toont beleefdheid en respect. Ook na afloop van vergaderingen worden handen geschud.


Religie
Van oudsher kent het land drie religies: het Grieks-orthodox geloof, het rooms-katholicisme (dat vooral in het noorden aanhang heeft en in Moeder Teresa een eigen Albanees icoon kent) en de islam.
Een kleine maar opvallende tak van de islam in Albanië is de Bektashi-sekte, opgericht in de dertiende eeuw en in 1925 uit Turkije verbannen. Een deel van de aanhang vluchtte naar Albanië, waar ze nog steeds wonen. De derwisjen of ‘babas’ proberen mythische elementen van het volksgeloof in hun diensten te betrekken. De Bektashi bidden bijvoorbeeld voor bergen, zoals de berg Tomorr, ‘Baba Tomorr’. Verder richten ze pelgrimsoorden op in de buurt van graven van bijzondere persoonlijkheden, die dan vereerd worden.

Wie in Durrës en Tirana over straat loopt, zou niet zeggen dat moslims in Albanië de meerderheid vormen. Vrouwen met hoofddoekjes zijn er zeldzaam, minaretten zijn er nauwelijks en alleen op vrijdagmiddag is er, voor wie luistert, een oproep tot gebed te horen. Op een enkel incident na leven de verschillende religieuze groepen vreedzaam naast elkaar. En die incidenten worden dan ook nog meestal veroorzaakt door islamitische zendelingen van buitenaf.

In 1967 verbood president Hoxha, geïnspireerd door de Chinese culturele revolutie, alle religie, zowel in de publieke als in de privésfeer. Vrijwel alle kerken, kloosters, moskeeën en tekkes (gebedshuizen van de Bektashi-sekte) werden gesloopt of omgebouwd tot sporthallen of buurtcentra. Tal van geestelijken en gelovigen verdwenen achter slot en grendel of werden, vaak zonder enige vorm van proces, vermoord.

Pas met de val het communisme, in 1990, kwam God heel langzaam terug in Albanië. In het ooit zo katholieke Shkodër trokken de eerste missen duizenden belangstellenden. In Tirana verschenen westerse evangelisten van allerlei soort en naast het Skanderbeg-plein opende een enorme Albanees-orthodoxe kerk de poorten. Uit Turkije en het Midden-Oosten kwamen islamitische zendelingen naar Albanië, soms met een goed gevulde portemonnee. Maar de belangstelling was beperkt. Sommige mensen sluiten zich eerder uit pragmatische overwegingen (toegang tot school) aan bij een kerkgenootschap.

Het gebrek aan religieuze bevlogenheid is mede te verklaren uit het feit dat alle godsdienst hier altijd uitheems was en is. De islam kwam uit Istanbul, en verder weg Arabië, het katholicisme uit Rome en het Grieks van de orthodoxe eredienst, was al net zo onbegrijpelijk voor Albanezen.
Weer en klimaat
Albanië kent een Middellands zeeklimaat. De zomers zijn heet en droog, winters mild en nat. Hoe hoger je komt hoe meer variatie er is. Van mei tot oktober kun je in de zee zwemmen met watertemperaturen van ca. 23 C. Aan de kust zijn er 270 tot 300 zonnige dagen. In de buurt van de zee is er altijd een verfrissende bries. In het hooggebergte in het noorden en oosten van het land is er van november tot maart kans op sneeuw.

De beste reistijd voor Albanië is het voorjaar. Dan staan de appel- en kersenbomen in volle bloei en sieren vele bloemen het landschap. Ook de vroege herfst (september en oktober) is een aangename reistijd.

Klimaattabel:
De beste reistijd voor Albanië is vanaf mei t/m oktober. In het voorjaar is de temperatuur al aangenaam en staan de appel- en kersenbomen  in volle bloei. De vele bloemen sieren het landschap. Ook de vroege herfst (september en oktober) is een goede tijd om naar Albanië te reizen. Daarna nemen de temperaturen af en begint het regenseizoen.


In restaurants is 10 procent fooi gebruikelijk. Ook gidsen en reisleiders verwachten een fooi.


Fooien geven
© 2021 Rene Konijnenberg - WebSite X5 | Cookie Policy
Copyright © 2020 Rene Konijnenberg / WebSite X5
Hellas Travel Designers
Rene Konijnenberg
Tel: 0030 (0)69 8303 1886
Email: info@hellastraveldesigners.eu
Website: www.hellastraveldesigners.eu


Terug naar de inhoud